Contrapunctus 14

Het muziekblaadje waarop Carl Philipp Emanuel Bach ‘”Über dieser Fuge, wo der Nahme B.A.C.H. im Contrasubject angebracht worden, ist der Verfasser gestorben” schreef, heeft een speciale plaats in de nalatenschap van Bach. Dit blaadje wordt gezien als laatste bladzijde van de niet afgemaakte laatste fuga die Bach heeft gecomponeerd. Hiervan is geen complete autograaf bekend maar slechts vijf losse bladen waarop geen muzikaal einde staat. Het vijfde blaadje is opgenomen als officieel laatste stukje van Contrapunctus 14 onder andere in de Urtext edities van Die Kunst der Fuge. Er zijn door deskundigen vraagtekens gezet bij de samenstelling van het stuk, de volgorde van de onderdelen en ook bij het tijdstip waarop dit stuk is ontstaan.

Carl Philipp Emanuel Bach heeft contrapunctus 14 opgenomen in de first revised edition van Die Kunst der Fuge onder de naam 3 soggetti’s (bladzijde 61-65, First edition (revised version), ca. 1750, Leipzig). Hierbij heeft hij een deel van de laatste bladzijde weggelaten.

In deze studie is geanalyseerd wat er op bladzijde 5 staat, in relatie met het stuk. Het tweede deel is duidelijk, dit zijn de drie thema’s in niet getransponeerde vorm. Het eerste gedeelte kan gerelateerd worden aan het einde van het eerste muzikale gedeelte. De bladzijde hoort niet achter de eerste vier bladzijden zoals nu in alle versies wordt gehanteerd. De overige bladzijden worden in de goede volgorde gebruikt. De muziek op de laatste bladzijde kan geïnterpreteerd worden als schets die Bach heeft gemaakt bij de compositie van 3 soggetti.

 

Vroegere versies- Early versions

Some pieces of the WTK1 and the Inventions en Sinfonias are published earlier in Das Klavierbuchlein für Wilhelm Friedemann Bach. The changes between these versions are analysed top-down. Possible other pieces of the WTK1 are determined on consistency.

Het Wohltemperierte Klavier 1 (WTK)  is door J.S. Bach in 1722 samengesteld. Het bevat 24 praeludiums en fuga’s voor alle toonsoorten majeur en mineur, in chromatische volgorde van C Majeur tot b-mineur. De bundel heeft een divers karakter en bestaat deels uit stukken die al eerder zijn gecomponeerd voor een andere bundel. Van elf praeludiums is dit met zekerheid te zeggen omdat zij ook al voorkwamen in het Klavierbuchlein für Wilhelm Friedemann Bach dat samengesteld is in 1720. Een deel van deze stukken is voor het WTK verlengd. Ook de bundel Inventions en Sinfonias is in 1722-1723 samengesteld, de 2 keer 15 stukken in de toen meest voorkomende toonsoorten met maximaal 4 kruizen of mollen, kwamen eveneens al voor in het Klavierbuchlein.  Bach heeft de volgorde van de stukken  voor de bundel Inventions en sinfonias chromatisch gemaakt overeenkomst het WTK. Zowel in de vroegere stukken van het WTK als in die van de Inventions en Sinfonias heeft Bach wijzigingen gemaakt. In vele studies zijn deze wijzigingen geïnterpreteerd.

In deze studie wordt een overzicht gegeven van de wijzigingen en worden de wijzigingen top-down geïnterpreteerd. Verder wordt gekeken welke stukken mogelijk ook al aan verandering vanuit een eerdere versie onderhevig zijn geweest.

In het WTK zijn grote aanvullingen gemaakt om de stukken te verlengen.  De aanpassingen in de Inventions en Sinfonias zijn veel geringer en zijn muzikale aanpassingen, niet zo zeer verlengingen.

Van stukken waarvan geen vroegere versie bekend is, is het natuurlijk lastig om vast te stellen of het een eerder gecomponeerd en aangepast stuk betreft. Dit is alleen op basis van karakteristieken aannemelijk te maken. Bij het beoordelen van de stukken op dit aspect kan gekeken worden naar de mate van consistentie. Bach is later meer geconstrueerd gaan componeren wat meer gestructureerde stukken heeft opgeleverd. Daarnaast zijn vroegere stukken soms aangevuld, grote aanvullingen gericht op verlenging geven minder consistente stukken, kleine aanvullingen (enkele noten) geven juist meer structuur. In het WTK komt met name praeludium 21 in aanmerking om ook te bestaan uit een vroeg stuk (de eerste helft) met aanvulling. Al vanaf de eerste autograaf Forkel en daarna door vele deskundigen zijn er inschattingen gemaakt van vroeger en later gecomponeerde stukken. Overeenstemming is daar niet over. Fuga 11, 15 en 20 komen in aanmerking voor het zijn van een vroegere compositie.